Politiek

Tweede Kamerlid Theo Hiddema is er eigenlijk wel trots op: hij zou de allereerste zijn in de recente Nederlandse geschiedenis die tegelijk parlementariër is én een moordverdachte bijstaat als advocaat. 

Klopt de zelf afgekondigde primeur van advocaat en tweede kamerlid Theo Hiddema? Hiddema verdedigt op dit moment Roger A. die terechtstaat voor betrokkenheid bij een liquidatie van een 37-jarige man. De zaak kwam gisteren voor bij de Utrechtse rechtbank. 

We controleren of er in het verleden een vergelijkbare situatie is geweest. Een zaak uit 1949 van oorlogsmisdadiger Peter Menten kent overeenkomsten. Daarbij was ook een Tweede Kamerlid bij de verdediging betrokken: Rad Kortenhorst, die toentertijd ook voorzitter van de Tweede Kamer was. Na rondbellen moeten we concluderen dat we deze zaak toch niet kunnen meerekenen. Kortenhorst was wel betrokken maar niet DE advocaat van Menten. Daarnaast stond Menten op dat moment niet terecht voor moord, maar voor o.a. collaboratie en het roven van kunst. 

Hoogleraar Vaderlandse geschiedenis Henk te Velde stelt dat Hiddema waarschijnlijk gelijk heeft als het om de periode van de jaren 60 tot nu gaat. In deze periode geldt het Tweede Kamerlidmaatschap als een voltijdbaan waarbij er, in tegenstelling tot de tijd ervoor, voor grote nevenactiviteiten geen tijd is. Het is dus niet aannemelijk dat er parlementariërs zijn geweest die toen als advocaat in een moordzaak optraden. 

In de tijd daarvoor waren er veel parlementariërs ook advocaat, maar hielden die zich meer met ‘chiquere’ zaken als vermogensdelicten bezig. Te Velde vermoedt dus dat Hiddema gelijk heeft.